Aandeelhoudersgeschil voorkomen: leg uittreden en waardering goed vast

Bij de oprichting van een bv gaat de meeste aandacht vaak uit naar de samenwerking. Wie brengt welk kapitaal in? Wie krijgt welke aandelen? Hoe worden besluiten genomen? En hoe verdelen we de winst?Dat is logisch. Op dat moment kijken aandeelhouders meestal vooruit. De samenwerking is goed en de belangen lijken gelijk te lopen.

Toch is het minstens zo belangrijk om stil te staan bij het moment waarop een aandeelhouder wil stoppen. Of moet stoppen. Want op zo’n moment ontstaan in de praktijk veel geschillen. Niet alleen over de vraag of iemand zijn aandelen moet aanbieden, maar vooral over de prijs en de voorwaarden waaronder dat gebeurt. Een goede exitregeling in de aandeelhoudersovereenkomst voorkomt dat een zakelijk verschil van inzicht uitgroeit tot een aandeelhoudersgeschil.

Waarom uittreden vaak tot discussie leidt

Zolang de samenwerking goed loopt, lijkt uittreden vaak een probleem voor later. Maar zodra een aandeelhouder wil vertrekken, veranderen de belangen. De vertrekkende aandeelhouder wil meestal een redelijke prijs en een snelle afwikkeling. De overblijvende aandeelhouders willen voorkomen dat de onderneming financieel onder druk komt te staan. Ook willen zij meestal niet dat de aandelen zomaar bij een derde terechtkomen.

Daar komt bij dat partijen op zo’n moment vaak verschillend kijken naar de waarde van de onderneming. De aandeelhouder die vertrekt, ziet de waarde die hij heeft helpen opbouwen. De achterblijvers kijken vaker naar toekomstige risico’s, liquiditeit en de vraag of zij de overname kunnen financieren. Als de aandeelhoudersovereenkomst hierover geen duidelijke afspraken bevat, wordt de prijs al snel onderdeel van het conflict.

Leg vast wanneer aandelen moeten worden aangeboden

Een goede exitregeling begint met de vraag wanneer een aandeelhouder zijn aandelen moet aanbieden. Dat kan vrijwillig zijn, bijvoorbeeld als een aandeelhouder zelf wil stoppen of zijn aandelen wil verkopen. Maar er zijn ook situaties waarin een verplichte aanbieding verstandig is. Denk aan overlijden, arbeidsongeschiktheid, faillissement van een aandeelhouder of het beëindigen van de rol als bestuurder of werknemer binnen de onderneming.

Ook ernstige schendingen van afspraken kunnen een aanbiedingsplicht rechtvaardigen. Bijvoorbeeld als een aandeelhouder concurrerende activiteiten verricht of vertrouwelijke informatie gebruikt buiten de onderneming om.

Zonder duidelijke aanbiedingsplicht kan een aandeelhouder blijven zitten, terwijl hij feitelijk niet meer bijdraagt of de samenwerking blokkeert. Dat maakt besluitvorming kwetsbaar en kan de waarde van de onderneming raken.

In onze blog ‘Aandeelhoudersovereenkomst: wanneer moet je de afspraken herzien? lees je op welke momenten het verstandig is om bestaande aandeelhoudersafspraken opnieuw te bekijken. Uittreden en verkoop van aandelen horen daar nadrukkelijk bij.

Voorkom dat aandelen bij een ongewenste derde terechtkomen

Aandeelhouders willen meestal grip houden op wie toetreedt tot de bv. Daarom bevatten statuten vaak een blokkeringsregeling. Toch is dat niet altijd genoeg. In de aandeelhoudersovereenkomst kun je preciezer regelen hoe verkoop van aandelen verloopt. Bijvoorbeeld dat aandelen eerst moeten worden aangeboden aan de bestaande aandeelhouders. Of dat verkoop aan een derde alleen mag na goedkeuring van de overige aandeelhouders.

Belangrijk is dat de statuten en de aandeelhoudersovereenkomst goed op elkaar aansluiten. Als daarin verschillende procedures of termijnen staan, ontstaat juist nieuwe discussie.

Op onze pagina over de aandeelhoudersovereenkomst lees je welke onderwerpen je in zo’n overeenkomst kunt regelen en waarom maatwerk hierbij belangrijk is.

Waardering van aandelen: regel de methode vooraf

De waardering van aandelen is vaak het gevoeligste onderdeel van een exit. Als partijen pas over de prijs gaan praten wanneer de samenwerking al onder druk staat, wordt waardering al snel een strijdmiddel. De ene partij wijst op groei, goodwill en toekomstige kansen. De andere partij wijst op schulden, afhankelijkheid van klanten of risico’s in de markt.

Daarom is het verstandig om vooraf vast te leggen hoe de waarde wordt bepaald. Dat kan met een vaste formule, maar vaak is het beter om een onafhankelijke deskundige aan te wijzen. Leg dan ook vast welke uitgangspunten deze deskundige moet gebruiken. Denk aan de peildatum, de waarderingsmethode, de vraag of goodwill meetelt en of een minderheidskorting wordt toegepast.

Ook de betaling verdient aandacht. Een hoge waardering helpt weinig als de overblijvende aandeelhouders de koopsom niet kunnen financieren. Soms is betaling in termijnen nodig. Dan moeten ook rente, zekerheden en vervroegde betaling goed worden vastgelegd.

Meer hierover lees je in onze blog ‘Aandelen waarderen bij een conflict: hoe voorkom je (nog meer) gedoe?

Good leaver en bad leaver

Niet ieder vertrek is hetzelfde. Een aandeelhouder die stopt vanwege pensionering, ziekte of vertrek in goed overleg, bevindt zich in een andere positie dan een aandeelhouder die afspraken schendt of schade veroorzaakt. Daarom werken aandeelhoudersovereenkomsten vaak met een onderscheid tussen een ‘good leaver’ en een ‘bad leaver’.

Bij een good leaver wordt meestal aangesloten bij de reguliere waarde van de aandelen. Bij een bad leaver kan een korting gelden. Bijvoorbeeld omdat de aandeelhouder ernstig tekort is geschoten of de onderneming heeft benadeeld.

Dit soort bepalingen kunnen nuttig zijn, maar moeten zorgvuldig worden geformuleerd. Als niet duidelijk is wanneer iemand een bad leaver is, ontstaat alsnog discussie. En als de korting te hard of onredelijk uitpakt, kan dat later juridische problemen geven.

Wat als er toch een geschil ontstaat?

Ook goede afspraken voorkomen niet elk conflict. Maar ze zorgen er wel voor dat partijen weten welke route zij moeten volgen. Ontbreken ze, dan kan een geschil snel escaleren. Soms biedt mediation nog uitkomst. In andere gevallen komen wettelijke routes in beeld, zoals uittreding, uitstoting of een procedure bij de Ondernemingskamer.

Dat zijn zwaardere middelen. Ze kosten tijd, geld en energie. Bovendien komt de regie dan minder bij de aandeelhouders zelf te liggen. Op onze pagina over aandeelhoudersgeschillen lees je welke mogelijkheden er zijn als aandeelhouders er samen niet meer uitkomen.

Controleer of de exit goed is geregeld

Een aandeelhoudersovereenkomst hoef je niet elk jaar volledig opnieuw op te maken. Maar het is wel verstandig om regelmatig te controleren of de afspraken over uittreden nog passen bij de onderneming. Kijk in ieder geval of duidelijk is wanneer aandelen moeten worden aangeboden, wie mag kopen, hoe de waarde wordt bepaald, wanneer wordt betaald en wat geldt bij overlijden, ziekte, vertrek of schending van afspraken.

Juist deze afspraken worden vaak pas belangrijk als de verhoudingen onder druk staan. Dan is het te laat om ze rustig te bespreken.

Tot slot

Afspraken over uittreden en waardering maak je het beste op een moment dat de samenwerking nog goed is. Dan kunnen aandeelhouders redelijke keuzes maken en rekening houden met elkaars belangen. Wacht je tot er spanning is, dan wordt iedere bepaling onderdeel van de discussie.

Twijfel je of jullie aandeelhoudersovereenkomst voldoende duidelijk is over uittreden of waardering? We denken graag met je mee.

Volgende
Volgende

Aandeelhoudersovereenkomst: wanneer moet je de afspraken herzien?